De mindmap is duidelijk en gestructureerd opgebouwd. Het is jammer dat in de mindmap nog niet is aangegeven van welke theorieën gebruik gemaakt zal worden. In de argumentatiestructuur komt dit wel terug, alhoewel hier niet zozeer argumenten worden geplaatst, maar citaten van de auteurs. Dit zorgt voor wat verwarring, omdat zo niet duidelijk is wat precies de argumenten zijn.
De stappen die gezet worden zijn duidelijk. Eerst wordt er een theoretisch kader geschetst, waarbij overigens wel opgelet dient te worden dat het overeenkomstig is met de inleiding, en daarbij niet teveel dubbel gemeld wordt. Vervolgens wordt de samenvoeging van technologieën middels de mobiele telefoon uitgelegd. Ook hier een opmerking: aan het einde van het tweede hoofdstuk wordt er al een conclusie gemaakt, die mijns inziens beter is in te passen in het laatste (concluderende) hoofdstuk. Het doel van het onderzoek is op die manier zeker duidelijk, maar zou hier en daar in de opzet wat beter geëxpliciteerd kunnen worden.
Het onderzoek is zeker relevant. Verschillende theoretici, die ook allen vermeld zullen worden in het artikel, hebben zich al uitgelaten over deze materie. Echter, door de invalshoek van Gert-Jan zijn de verschillende perspectieven samen te voegen tot de in zijn onderzoeksopzet vermelde conclusie. De theoretici vallen allemaal binnen het academische kader. Aan de andere kant zouden er misschien nog meer theoretici of zou er nog meer literatuur gezocht kunnen worden die ofwel nieuwe invalshoeken biedt, dan wel bepaalde theoretici ondersteund in hun uiteenzettingen. Opvallend is dat in de conclusie nog enkele nieuwe citaten aangehaald worden. Het lijkt mij beter deze te verwerken in het corpus van het artikel, om te voorkomen dat er nog nieuwe informatie gesitueerd wordt in de conclusie.
Vooralsnog lijkt het een haalbaar onderzoek en met Gert-Jans schrijfstijl in het achterhoofd, zal er ook zeker geen gebrek zijn aan praktijkvoorbeelden, ondanks het feit dat deze momenteel nog niet vernoemd zijn in zijn opzet. Het onderwerp vertrekt vanuit het thema en dit thema staat ook centraal in het artikel.
De huidige versie van de opzet verschilt nogal van de eerdere opzet die Gert-Jan online heeft gezet, maar kent wel een hoop verbeteringen. Mijn eigen opzet lijkt daardoor wat minder uitgebreid opgebouwd, maar naast de mindmap probeer ik dit in de argumentatiestructuur grotendeels te compenseren. Naar volgende week zal ik de theorie verder uitbreiden en de link in mijn argumentatiestructuur maken met zowel de gevonden theorieën als de opbouw van het artikel.
Ook jouw onderwerp past prima binnen het hoofdonderwerp. Let er wel op dat je in het eerste hoofdstuk éénzelfde deel gaat beschrijven dan dat er in de inleiding van het tijdschrift beschreven gaat worden. Het defineren van Hybrid space moet je dan vooral richten op het subthema: het vervagen van de grens tussen fysiek en digitale ruimten. De twee andere introducties zijn inderdaad nodig om je te plaatsen. Let vooral op de woorden limiet. Je stuk komt er nu al aardig in de buurt (zelfde geld voor Jhonny).
Je onderzoeksvraag is naar mijns inzien te open en sluit teveel aan bij het onderzoek van Souza e Silva. Pas dus op dat je geen herhalingsoefening gaat doen. De tussenzin ‘en alle verschillende manieren van communicatie’ is wel erg breed. De term ‘Hybrid Spaces’ is bijna inherent aan mobiliteit en de mobieletelefoon en daarmee ook dus ook aan die vervagende grens. Het interessante is dan ook waarom dit zo is. Ik denk dat je je beter op die vraag kan richten dan op de vraag of het zo is.
ALLEMAAL
We gebruiken allemaal het artikel van Souza e Silva (voor sommige Souze e Silva), Hiermee slaan we al een bepaalde richting in, en onderkennen dus haar punt met betrekking op hybride ruimten. Laten we dit punt dan ook vast houden. Verder lijkt het mij verstandig om nog een abstracte theorie in alle teksten te betrekken, bijvoorbeeld van Foucault en/of Manovich. Hiermee worden we wel een eenzijdig tijdschrift, maar met vier artikelen is het ook onmogelijk om een divers beeld (/visie) neer te zetten. Daarom kunnen we er beter voor kiezen om een inleidende editie te maken die het onderwerp belicht op verschillende subonderwerpen vanuit een visie.
We moeten er dus goed opletten dat we binnen het hoofdthema en de subthema’s blijven. Hiermee is het dus van belang om je onderwerp goed te verbinden met het begrip hybride ruimte.
stijnb zei,
oktober 2, 2007 bij 12:06 pm
Peerreview Gert-Jan Noordanus
Mindmap & argumentatiestructuur
De mindmap is duidelijk en gestructureerd opgebouwd. Het is jammer dat in de mindmap nog niet is aangegeven van welke theorieën gebruik gemaakt zal worden. In de argumentatiestructuur komt dit wel terug, alhoewel hier niet zozeer argumenten worden geplaatst, maar citaten van de auteurs. Dit zorgt voor wat verwarring, omdat zo niet duidelijk is wat precies de argumenten zijn.
De stappen die gezet worden zijn duidelijk. Eerst wordt er een theoretisch kader geschetst, waarbij overigens wel opgelet dient te worden dat het overeenkomstig is met de inleiding, en daarbij niet teveel dubbel gemeld wordt. Vervolgens wordt de samenvoeging van technologieën middels de mobiele telefoon uitgelegd. Ook hier een opmerking: aan het einde van het tweede hoofdstuk wordt er al een conclusie gemaakt, die mijns inziens beter is in te passen in het laatste (concluderende) hoofdstuk. Het doel van het onderzoek is op die manier zeker duidelijk, maar zou hier en daar in de opzet wat beter geëxpliciteerd kunnen worden.
Het onderzoek is zeker relevant. Verschillende theoretici, die ook allen vermeld zullen worden in het artikel, hebben zich al uitgelaten over deze materie. Echter, door de invalshoek van Gert-Jan zijn de verschillende perspectieven samen te voegen tot de in zijn onderzoeksopzet vermelde conclusie. De theoretici vallen allemaal binnen het academische kader. Aan de andere kant zouden er misschien nog meer theoretici of zou er nog meer literatuur gezocht kunnen worden die ofwel nieuwe invalshoeken biedt, dan wel bepaalde theoretici ondersteund in hun uiteenzettingen. Opvallend is dat in de conclusie nog enkele nieuwe citaten aangehaald worden. Het lijkt mij beter deze te verwerken in het corpus van het artikel, om te voorkomen dat er nog nieuwe informatie gesitueerd wordt in de conclusie.
Vooralsnog lijkt het een haalbaar onderzoek en met Gert-Jans schrijfstijl in het achterhoofd, zal er ook zeker geen gebrek zijn aan praktijkvoorbeelden, ondanks het feit dat deze momenteel nog niet vernoemd zijn in zijn opzet. Het onderwerp vertrekt vanuit het thema en dit thema staat ook centraal in het artikel.
De huidige versie van de opzet verschilt nogal van de eerdere opzet die Gert-Jan online heeft gezet, maar kent wel een hoop verbeteringen. Mijn eigen opzet lijkt daardoor wat minder uitgebreid opgebouwd, maar naast de mindmap probeer ik dit in de argumentatiestructuur grotendeels te compenseren. Naar volgende week zal ik de theorie verder uitbreiden en de link in mijn argumentatiestructuur maken met zowel de gevonden theorieën als de opbouw van het artikel.
Gijs zei,
oktober 2, 2007 bij 12:31 pm
Ook jouw onderwerp past prima binnen het hoofdonderwerp. Let er wel op dat je in het eerste hoofdstuk éénzelfde deel gaat beschrijven dan dat er in de inleiding van het tijdschrift beschreven gaat worden. Het defineren van Hybrid space moet je dan vooral richten op het subthema: het vervagen van de grens tussen fysiek en digitale ruimten. De twee andere introducties zijn inderdaad nodig om je te plaatsen. Let vooral op de woorden limiet. Je stuk komt er nu al aardig in de buurt (zelfde geld voor Jhonny).
Je onderzoeksvraag is naar mijns inzien te open en sluit teveel aan bij het onderzoek van Souza e Silva. Pas dus op dat je geen herhalingsoefening gaat doen. De tussenzin ‘en alle verschillende manieren van communicatie’ is wel erg breed. De term ‘Hybrid Spaces’ is bijna inherent aan mobiliteit en de mobieletelefoon en daarmee ook dus ook aan die vervagende grens. Het interessante is dan ook waarom dit zo is. Ik denk dat je je beter op die vraag kan richten dan op de vraag of het zo is.
ALLEMAAL
We gebruiken allemaal het artikel van Souza e Silva (voor sommige Souze e Silva), Hiermee slaan we al een bepaalde richting in, en onderkennen dus haar punt met betrekking op hybride ruimten. Laten we dit punt dan ook vast houden. Verder lijkt het mij verstandig om nog een abstracte theorie in alle teksten te betrekken, bijvoorbeeld van Foucault en/of Manovich. Hiermee worden we wel een eenzijdig tijdschrift, maar met vier artikelen is het ook onmogelijk om een divers beeld (/visie) neer te zetten. Daarom kunnen we er beter voor kiezen om een inleidende editie te maken die het onderwerp belicht op verschillende subonderwerpen vanuit een visie.
We moeten er dus goed opletten dat we binnen het hoofdthema en de subthema’s blijven. Hiermee is het dus van belang om je onderwerp goed te verbinden met het begrip hybride ruimte.
(Kijk ook naar het commentaar op de anderen)